Doorstroomtoets primair onderwijs - Van Po naar Vo
PO Raad VO Raad

Alle leerlingen moeten aan het einde van het primair onderwijs een doorstroomtoets maken die hun taal- en rekenvaardigheid meet. Met ingang van het schooljaar 2019/2020 geldt deze verplichting ook voor het SO en SBO. In een toetswijzer is vastgelegd welke taal- en rekeninhouden moeten worden getoetst. Daarnaast kan de toets facultatief ook andere kennis en vaardigheden in kaart brengen, bijvoorbeeld op het gebied van wereldoriëntatie.

Van Po naar Vo

Referentieniveaus taal en rekenen

De doorstroomtoets meet de taal- en rekenvaardigheden van een leerling. Op basis van die prestaties geeft de doorstroomtoets een advies voor de best passende schoolsoort: het toetsadvies.

Inschrijven

Elke school kiest zelf een doorstroomtoets. Scholen die vallen onder één bestuur, kunnen elk een eigen doorstroomtoets kiezen. Scholen met twee of meer vestigingen onder hetzelfde BRIN-nummer kunnen per vestiging zelf een doorstroomtoets kiezen, als deze vestigingen door de Onderwijsinspectie als afzonderlijke toezichteenheden worden beschouwd. De doorstroomtoets moet een door de minister van OCW goedkeurde en toegelaten toets zijn. Aanmelding voor de doorstroomtoets van uw keuze is tussen 1 oktober en 15 november. 

Afnamemoment

De doorstroomtoets moet vervolgens worden afgenomen in de eerste twee weken van februari. De papieren doorstroomtoetsen hebben vaste afnamemomenten, meestal aan het begin van deze periode, in verband met de geheimhouding van de opgaven. De digitale toetsen worden op een voor de school geschikt moment afgenomen.

Het tijdpad:

  • Van 10 tot en met 31 januari: voorlopig advies
  • Van 27 januari tot en met 16 februari: doorstroomtoets
  • Papieren afname op 4 en 5 februari
  • Uiterlijk 15 maart: toetsadvies
  • Uiterlijk 24 maart: definitief advies
  • Van 25 maart tot en met 31 maart: centrale aanmeldweek
  • Uiterlijk op 12 mei: besluit over toelating middelbare school

Toets kiezen

Basisscholen kunnen kiezen uit de volgende toetsen:

Scholen hoeven niet te betalen voor de door de minister toegelaten doorstroomtoetsen.

De voorwaarden voor de afname en de inhoud van de toetsen zijn vastgelegd in het Toetsbesluit PO.

Resultaten / rapportage

Na de afname van de doorstroomtoets ontvangt de school individuele rapportages per leerling en een schoolrapportage/groepsrapportage.

Leerlingrapportage

Het leerlingrapport geeft het beheersingsniveau van de leerling aan. Op het leerlingrapport staat ook vermeld welk referentieniveau is behaald per onderdeel lezen, taalverzorging en rekenen. Daarnaast geeft het leerlingrapport het schooladvies weer. Daarnaast geeft het leerlingrapport een advies voor het vo.

Schoolrapportage/groepsrapportage

De groepsrapportage bevat een overzicht van de resultaten van alle leerlingen.

Meer informatie over de resultaten op de verschillende doorstroomtoetsen is te vinden op de websites van de doorstroomtoetsen.

Uitzonderingsgroepen

Enkele groepen leerlingen hoeven de doorstroomtoets niet te maken. Het bevoegd gezag (in de praktijk meestal de schoolleider) kan op basis van deze ontheffingsgronden besluiten dat een leerling de toets niet hoeft te maken. Dat geldt voor:

  • Leerlingen die korter dan vier jaar in Nederland wonen en de Nederlandse taal nog niet voldoende beheersen.
  • Leerlingen die een ontwikkelingsperspectief hebben met als verwachte uitstroombestemming vso-arbeidsmarkt of vso-dagbesteding.
  • Leerlingen met een IQ lager dan 75 volgens een recente IQ-test die voldoet aan de criteria van de Cotan. Als de IQ-test ouder is dan twee jaar, dienen gegevens uit het leerling- en onderwijsvolgsysteem te bevestigen dat de ontwikkeling van de leerling niet verder is dan het niveau van eind groep 5 van het basisonderwijs.

De school beslist, na overleg met de ouders, definitief of deze leerling wel of niet meedoet aan de doorstroomtoets. Wordt de leerling hiervan vrijgesteld, dan legt de school de onderbouwing van deze beslissing vast in de eigen administratie voor het geval de inspectie daar om vraagt.

Een stroomschema dat u ondersteunt bij het in kaart brengen welke leerlingen niet hoeven deel te nemen aan de doorstroomtoets, vindt u bij de vraag Moet deze leerling een doorstroomtoets maken?.

Nieuwkomers

Nieuwkomers, korter dan 4 jaar in Nederland, die de taal nog niet voldoende beheersen hoeven de doorstroomtoets niet te maken. Zij hebben echter in veel gevallen wel een specifieke onderwijsbehoefte. Meer informatie over het ondersteunen van nieuwkomers in de overgang naar het voortgezet onderwijs is te lezen op www.lowan.nl.

Voor meer informatie zie ook:

Artikel 10a Wet op het primair onderwijs

Op de websites van de doorstroomtoetsen leest u meer over de resultaten op de verschillende doorstroomtoetsen.